Requiem for a dream (2000): Verondersteld meesterwerk verveelt snel


Requiem for a dream

Regisseur Darren Aronofsky is een zonderlinge figuur die al even curieuze films maakt. Het merkwaardige maar sterke Pi (1998) is daar een goed voorbeeld van. Recenter wist hij de aandacht te trekken met The Fountain (2006) en The Wrestler (2008). Inmiddels is Aronofsky aangetrokken om een remake van Paul Verhoevens’ Robocop te draaien.

Misschien is Aronofsky nog het meest bekend om Requiem for a dream. Requiem is het indringende relaas van vier mensen die ten onder gaan aan verslaving en komt vaak voor in lijstjes met beste films aller tijden. Zo staat de film op nummer 63 in het IMDB overzicht van ‘Top 250 movies as voted by our users’. Requiem krijgt op dit moment van 159.155 IMDB-gebruikers een stem en scoort gemiddeld een 8.4 als rapportcijfer. Hiermee laat Requiem klassiekers zoals L.A. Confidential, Raging Bull enThe Maltese Falcon achter zich. Hoewel Requiem zeker indruk maakt wordt de film in mijn optiek toch overschat.

Want hoe origineel is het om het verval van drugsverslaafden te verfilmen? Het 4 jaar eerder dan Requiem gemaakte Trainspotting (1996) deed dat kunstje ook. Trainspotting wordt over het algemeen als de definitieve junkenfilm gezien en daarom lijkt het gerechtvaardigd om die film als ijkpunt te gebruiken. De vraag is dus wat Requiem toevoegt aan alle narigheid die we met Trainspotting al voor onze kiezen hebben gekregen. Het antwoord is: niet veel.

Dat druggebruik leidt tot hallucineren, paranoia, lichamelijke aftakeling, ziekte en problemen met justitie is inmiddels bekend. Dat is in het echt zo en dat is in de film zo. Dat jarenlange vriendschap en familiebanden door drugs in een oogwenk kunnen worden verwoest is ook al niet nieuw. Doordat Requiem dik bezaaid is met deze clichés heeft het plot van de film een nogal voorspelbaar verloop.

Technisch gezien is er ook veel te zien dat al vaker is gezien. Ontregelende cameravoering, hakkelende montage, razendsnelle close-ups, hypnotiserend kleurggebruik, enzovoort. De kunstjes worden weliswaar vakkundig toegepast maar zijn al lang niet meer nieuw.

Waar Requiem wel indruk maakt is in de finale. Het kijken naar met name het laatste kwartier van de film is niet voor iedereen aan te bevelen. Daar wordt de rolprent zo intens ziekelijk dat het je moeilijk onberoerd kan laten. Maar daar vertoont Requiem weer overlap met films zoals One flew over the cuckoo’s nest.

Wat overblijft is een sterke vertolking van Ellen Burstyn die terecht werd beloond met een Oscar-nominatie. Voor wie graag studie maakt naar het betere acteerwerk is die vertolking zeker de moeite waard. Maar voor het overige zie ik geen aanleiding deze film expliciet aan te bevelen.


(1930 views)

Leave a comment

Your email address will not be published.


*